Categorie: Recensie
-
Wat als … een spook met een grote wens erachter komt dat hij eigenlijk iets anders wil? Iets dergelijks moet illustrator en auteur Lenny Wren gedacht hebben toen ze Wolfgang in de wei creëerde. Spookje Wolfgang heeft het goed naar zijn zin in de wei waar hij woont. Samen met zijn vriendjes vult hij zijn dagen met spelletjes doen in de mooie natuur. Maar Wolfgang heeft ambities: hij wil beroemd worden. Een beroemd spook, net als Govert Griezel. En laat Govert nu net een opvolger zoeken voor zijn baan als spook in kasteel Donkerstein. Wolfgang doet auditie en Govert kiest hem! Nu is Wolfgang het engste, meest geweldige spook ooit.
-
In de nacht van de gestolen schilderijen vertelt Martine Gosselink het spannende verhaal van Mies die niks met geschiedenis heeft. Tot ze met haar klasgenootje Amin wordt meegevraagd naar het Mauritshuis, omdat ze een werkstuk moeten schrijven over de geschiedenis. Samen met een paar andere vrienden van hem, die wel geïnteresseerd zijn in geschiedenis, verandert het verplichte museumbezoek in een verhaal over roofkunst en familiegeschiedenissen. Dan blijkt dat geschiedenis helemaal niet saai is.
-
‘Waar was ik toen ik nog niet geboren was, mama?’ Zo’n typisch onschuldige kindervraag, waarbij je als ouder even moet nadenken over een goed antwoord. En ook al staan kleuters over het algemeen lekker praktisch in de wereld en met beide benen in het hier en nu, met een beetje filosofie kun je best bij ze aankomen. Graag dan wel zo laagdravend mogelijk ingestoken en appetijtelijk verpakt. Zoals in het prentenboek op rijm Als ik er ben van Claudia Jong en Lies Schroeyen.
-
Enkele maanden geleden, in februari 2025, won Lex Paleaux’ Liften naar de hemel de Boekhandelsprijs 2025 voor het beste Nederlandse boek. Deze coming of ageroman over de zestienjarige hoofdpersoon Quintin is uitgebracht als volwassenenroman maar ook uitermate geschikt voor middelbare scholieren: hij is geschreven vanuit het perspectief van de tiener en bevat volop vaart en de nodige spanning.
-
Jan Paul Schutten, auteur van een alsmaar groeiende lijst van kinderboeken over geschiedenis en wetenschap, vermeldt een anekdote in zijn pas verschenen Complot. Je moet complotdenkers niet bestrijden door te doen alsof ze gek of dom zijn, wil hij maar zeggen. Ga met ze in gesprek door vragen te stellen, becommentarieer de antwoorden niet, maar vraag door. Dat is wat Schutten op een bepaalde manier zelf ook doet in zijn jongste boek. Hij toont uitvoerig aan hoe complotdenkers argumenteren en hoe hun beweringen gemakkelijk onderuit te halen zijn, maar hij duikt ook in de redenen waarom zij – vaak geen domme mensen – tot hun stellingen komen. En: hoe iedereen vatbaar kan worden voor dergelijke theorieën door denkfouten die we allemaal maken in ons dagelijkse leven.
-
Van elke honderd kinderen zijn er ongeveer vijf die stotteren. Eenmaal volwassen blijft er van hen nog één over die stottert. Dat komt niet doordat de andere vier kinderen extra hun best hebben gedaan. Het heeft meer te maken met domme pech, aldus Jelmer Soes, de auteur van Het grote vrolijke stotterboek. In deze lichtvoetige bundel, voorzien van illustraties door Coen Hamelink, wordt de lezer op een onbezorgde en speelse manier meegenomen in de wereld van stotteren.
-
Het bombardement in Rotterdam is in Nederland één van de meest verschrikkelijke en belangrijke momenten uit de Tweede Wereldoorlog. Het heeft de stad voorgoed veranderd en heeft een permanente plek in de Nederlandse geschiedenis gekregen. Schrijfster Marte Jongbloed nam voor haar nieuwe jeugdboek het bombardement als uitgangspunt, gezien vanuit de ogen van een Rotterdamse jongen die alles van dichtbij meemaakt.
-
Wie herkent dit niet? Zo’n dag waarop alles stom is en waarop je dat wilt uitschreeuwen. Het grote spook vindt alles stom en laat dat luid en duidelijk merken aan het kleine spookje. Dat kleine spookje begrijpt er niets van: is echt álles stom? Ook snoep? En ballonnen? En vlinders? De vragen volgen elkaar op, tot het grote spook zelf begint te twijfelen. Want misschien is niet alles stom. En misschien… is eigenlijk best veel wél leuk. De boze bui ebt langzaam weg – tot de hik op het eind nog even roet in het eten gooit.
-
Het nieuwe prentenboek Lamelos van Gideon Samson valt op door de knalgele kaft met in het midden de afbeelding van een tevreden vader die een boos jongetje vasthoudt. Behalve de kaft heeft het hele boek vrolijke kleuren met simpele, grappige tekeningen, die een gewoon leven van een peuter benadrukken, een huiselijke sfeer, planten in de woonkamer, fruit en een bos bloemen op tafel, speelgoed in de buurt, speeltuintje om lekker in te spelen. De vader en de peuter zijn samen lachwekkend, de grote lange vader die achter zijn zoontje aansleept omdat hij hem goed vast heeft, is komisch verbeeld.
-
In Het laatste jaar kruip je als lezer in de huid van Nate. Het einde van groep 7 is aangebroken en de nieuwe klassenindeling wordt bekendgemaakt. Nate en zijn beste vriend PS zitten volgend jaar voor het eerst niet meer bij elkaar in de klas. En dat verandert alles. ‘Luke en PS gaan naar het sportveld en schoppen een bal naar elkaar, zoals PS en ik al deden toen we in de onderbouw zaten. Maar ik blijf achter op het schoolplein.’
-
Wally de woudgeest
Recensie door: Miet De BruynDe Doncker schetst zijn vier eerste levensjaren aan de hand van een aantal typische gebeurtenissen in een kinderleven: de eerste schooldag, een verhuis, snoep gaan kopen, verstoppertje spelen, bang zijn, leren eten, … Ook de mensen die belangrijk zijn in het leven van kleine Wally komen uitgebreid aan bod: mama, papa, de hele familie, de onthaalmoeder, de buren, de kleuterjuf en de boze directrice van de kleuterschool. De Doncker laat de lezer vaak glimlachen. Na de verhuis naar een andere streek in Vlaanderen, lezen we bijvoorbeeld: ‘Prei was porei en bij ons “pret”, maar de smaak was allesbehalve prettig.’
-
Sophie zit aan de waterkant, met veel andere mensen die in het gras zitten te wachten op een kanokampioenschap. Sophie zit daar met de duikbril die ze voor haar verjaardag heeft gekregen. De kano’s liggen te wachten bij de startlijn en zodra het startschot wordt gegeven, schieten de boten vooruit. We volgen de wedstrijd, waarbij de vorm van het boek perfect werkt voor het verhaal. Het boek valt namelijk op door het langwerpige, rechthoekige formaat en de blauwe kleur. Door die lange bladzijden kan er op de pagina’s steeds een heel stuk gepeddeld worden, je ziet de kano’s vooruitgaan. Daarbij zie je ook dat het niet bij elk team goed gaat, zo is er een kano lek en hebben twee teamleden ruzie in de boot. Dan duikt Sophie het water in en verandert het perspectief.
-
In een ver koninkrijk leefde eens een koning…’ Een heel bijzonder boek lijkt in eerste instantie als een typisch sprookje te beginnen: een onbekend koninkrijk, een oude koning met een laatste wens, twee onderdanen die op pad worden gestuurd met een missie. Maar dit van oorsprong Japanse boek ontpopt zich al snel tot een verzameling van grappige, bijzondere en soms wat vreemde verhalen. Twee mannen worden door de koning op reis gestuurd om verhalen over boeken te verzamelen. De koning houdt namelijk erg van boeken, maar is te oud om nog zelf te kunnen lezen.
-
Stel je voor dat er langzaam maar zeker woorden verdwijnen. Welk woord zou jij dan missen? Of zou je het niet opmerken? In De woordredders schrijft Enrico Galiano een verrassend verhaal waar de liefde voor taal vanaf spat. Hij is docent op een middelbare school in Italië en schreef eerder al voor young adults. Daar kwam in 2024 dit kinderboek bij. Het boek is knap vertaald door Henrieke Herber, die in 2011 de Diorapthe Jongerenliteratuur prijs won voor haar vertaling van Ik ben de sterkste. Er gebeuren vreemde dingen in het leven van Samu. Zijn vader zit maar wat voor zich uit te staren en zijn haren worden plotseling grijs. Als Samu praat over een mier of het raam is er niemand die hem snapt. Dat is lastig maar veel aandacht besteedt hij er niet aan. Mensen vinden hem toch altijd raar.
-
Het grote boek van alle emoties is typisch zo’n boek dat uitnodigt om het samen met kinderen te lezen. Er valt van alles in te beleven aan de illustraties, maar ook aan de losse, korte teksten. De emoties die onder de loep worden gelegd zijn liefde, boosheid, onzekerheid, blijheid, jaloezie, dankbaarheid, verveling, verdriet, angst en eenzaamheid. Alle hoofdstukken hebben een vast stramien. Steeds is er als begin een twee pagina’s beslaande tekening waarop van alles te ontdekken valt dat te maken heeft met het onderwerp waarop op de volgende twee pagina’s wordt ingegaan. Elk van de platen heeft twee vaste figuurtjes, een slakje en het hoofdpersonage ‘Voel!’.
-
De verhalenbundel Hoopvolle verhalen over het einde van de wereld is het eerste initiatief van Schrijvers voor Toekomst, een collectief van jeugdboekenschrijvers uit Nederland en België. Zij verenigden zich onder de noemer ‘Schrijvers voor Toekomst’, een groep jeugdboekenschrijvers die zich zorgen maakt over klimaatverandering. Hun eerste activiteit was om tijdens de scholierenstaking voor het klimaat op het Malieveld in september 2023 in Den Haag in gesprek te gaan met leerlingen, docenten en andere belangstellenden. De jongeren die daar aanwezig waren reageerden heel positief op hun aanwezigheid. Ze voelden zich gesteund en gezien. Al op de terugweg naar huis besloot een deel van hen dit boek te maken.
-
Generatie angststoornis
Recensie door: Joke Aartsenbeetje angstig dat is alles van de Noorse schrijver Alexander Kielland Krag begint in medias res met een nauwgezette beschrijving van de eerste angstaanval van hoofdpersoon Casper als ik-verteller. Het is die beschrijving die direct duidelijk maakt dat de relativering uit de titel niet op z’n plaats is. Terwijl Casper gewoon gezellig op de bank zit met zijn vrienden Olivier en Aksel wordt hij plotseling en heel heftig overvallen door misselijkheid, trillende handen en onvaste benen, een hamerend hart en een labiel gevoel. De misselijkheid lijkt een illusie, verdwijnt ‘net zo plotseling als ze kwam’. Niks aan de hand, durft Casper dus te denken.
-
Vissen zonder het ergens over te hebben
Recensie door: Suzanne BergmanSinds Sammies broertje Sebas twee jaar eerder verongelukte, is hun gezin uit elkaar gevallen. Als haar ouders gaan proefscheiden, gaat zus Wies met hun moeder mee. Sammie blijft uit loyaliteit achter bij haar vader, die samen met een bejaarde oudoom hun bloembollenbedrijf bestiert. Maar hij is steeds vaker afwezig; kan niet omgaan met het verlies. Tijdens een nachtelijke fietstocht ontmoet Sammie de ongeveer even oude Toon. Zijn oudere halfbroer is niet meer welkom thuis, en daar heeft Toon het moeilijk mee. Als ze allebei op hun eigen manier proberen hun respectievelijke gezinnen weer bij elkaar te brengen, ontmoeten ze een groep daklozen bij wie ze warm worden opgevangen. En leren ze dat een ander proberen te helpen soms averechts werkt – of niet?
-
‘“Ik benoem jullie allebei tot gangmonitor,” zei schoolhoofd Wombat. “En dat is niet omdat jullie monitorhagedissen zijn,” voegde ze er snel aan toe.’ Toeval, zegt ze, als Zack opmerkt dat alle andere gangmonitors ook… Wat volgt is een eerste hoofdstuk waarin Zack, zijn vriend Daniël en schoolhoofd Wombat vaker wel, dan niet langs elkaar heen praten, een grappig hoofdstuk met een serieuze ondertoon. In Patrick Ness’ Het leven van een hagedis van niks bevinden we ons op een school waar, in de ogen van anderen, alles wat je kan zijn bepaald wordt door de diersoort die je bent.
Recent
-
Een angstaanjagende zomer in Huize Helmoedt
Recensie door: Linda Wilting -
Miet De Bruyn
Meedeinen
-
Wie is er nou bang voor een wolf?
Recensie door: Melanie Roseboom








































