Categorie: Recensie

  • Acht-acht-acht-tien of achttien?

    Door: Evert Zoutewelle

    Van elke honderd kinderen zijn er ongeveer vijf die stotteren. Eenmaal volwassen blijft er van hen nog één over die stottert. Dat komt niet doordat de andere vier kinderen extra hun best hebben gedaan. Het heeft meer te maken met domme pech, aldus Jelmer Soes, de auteur van Het grote vrolijke stotterboek. In deze lichtvoetige bundel, voorzien van illustraties door Coen Hamelink, wordt de lezer op een onbezorgde en speelse manier meegenomen in de wereld van stotteren.

  • Een zoektocht in oorlogstijd

    Door: Wendy de Bert

    Het bombardement in Rotterdam is in Nederland één van de meest verschrikkelijke en belangrijke momenten uit de Tweede Wereldoorlog. Het heeft de stad voorgoed veranderd en heeft een permanente plek in de Nederlandse geschiedenis gekregen. Schrijfster Marte Jongbloed nam voor haar nieuwe jeugdboek het bombardement als uitgangspunt, gezien vanuit de ogen van een Rotterdamse jongen die alles van dichtbij meemaakt.

  • Voor als het eventjes niet meezit

    Door: Linda Wilting

    Wie herkent dit niet? Zo’n dag waarop alles stom is en waarop je dat wilt uitschreeuwen. Het grote spook vindt alles stom en laat dat luid en duidelijk merken aan het kleine spookje. Dat kleine spookje begrijpt er niets van: is echt álles stom? Ook snoep? En ballonnen? En vlinders? De vragen volgen elkaar op, tot het grote spook zelf begint te twijfelen. Want misschien is niet alles stom. En misschien… is eigenlijk best veel wél leuk. De boze bui ebt langzaam weg – tot de hik op het eind nog even roet in het eten gooit.

  • Een gewone boze peuter

    Door: Ardie Bos

    Het nieuwe prentenboek Lamelos van Gideon Samson valt op door de knalgele kaft met in het midden de afbeelding van een tevreden vader die een boos jongetje vasthoudt. Behalve de kaft heeft het hele boek vrolijke kleuren met simpele, grappige tekeningen, die een gewoon leven van een peuter benadrukken, een huiselijke sfeer, planten in de woonkamer, fruit en een bos bloemen op tafel, speelgoed in de buurt, speeltuintje om lekker in te spelen. De vader en de peuter zijn samen lachwekkend, de grote lange vader die achter zijn zoontje aansleept omdat hij hem goed vast heeft, is komisch verbeeld.  

  • Zware emoties in poëtische zinnen

    Door: Wendy de Bert

    In Het laatste jaar kruip je als lezer in de huid van Nate. Het einde van groep 7 is aangebroken en de nieuwe klassenindeling wordt bekendgemaakt. Nate en zijn beste vriend PS zitten volgend jaar voor het eerst niet meer bij elkaar in de klas. En dat verandert alles.  ‘Luke en PS gaan naar het sportveld en schoppen een bal naar elkaar, zoals PS en ik al deden toen we in de onderbouw zaten.  Maar ik blijf achter op het schoolplein.’ 

  • Wally de woudgeest

    Door: Miet De Bruyn

    De Doncker schetst zijn vier eerste levensjaren aan de hand van een aantal typische gebeurtenissen in een kinderleven: de eerste schooldag, een verhuis, snoep gaan kopen, verstoppertje spelen, bang zijn, leren eten, … Ook de mensen die belangrijk zijn in het leven van kleine Wally komen uitgebreid aan bod: mama, papa, de hele familie, de onthaalmoeder, de buren, de kleuterjuf en de boze directrice van de kleuterschool. De Doncker laat de lezer vaak glimlachen. Na de verhuis naar een andere streek in Vlaanderen, lezen we bijvoorbeeld: ‘Prei was porei en bij ons “pret”, maar de smaak was allesbehalve prettig.’

  • Chaos op het water!

    Door: Linda Wilting

    Sophie zit aan de waterkant, met veel andere mensen die in het gras zitten te wachten op een kanokampioenschap. Sophie zit daar met de duikbril die ze voor haar verjaardag heeft gekregen. De kano’s liggen te wachten bij de startlijn en zodra het startschot wordt gegeven, schieten de boten vooruit. We volgen de wedstrijd, waarbij de vorm van het boek perfect werkt voor het verhaal. Het boek valt namelijk op door het langwerpige, rechthoekige formaat en de blauwe kleur. Door die lange bladzijden kan er op de pagina’s steeds een heel stuk gepeddeld worden, je ziet de kano’s vooruitgaan. Daarbij zie je ook dat het niet bij elk team goed gaat, zo is er een kano lek en hebben twee teamleden ruzie in de boot. Dan duikt Sophie het water in en verandert het perspectief.

  • Een Japans sprookje over boeken

    Door: Wendy de Bert

    In een ver koninkrijk leefde eens een koning…’ Een heel bijzonder boek lijkt in eerste instantie als een typisch sprookje te beginnen: een onbekend koninkrijk, een oude koning met een laatste wens, twee onderdanen die op pad worden gestuurd met een missie. Maar dit van oorsprong Japanse boek ontpopt zich al snel tot een verzameling van grappige, bijzondere en soms wat vreemde verhalen. Twee mannen worden door de koning op reis gestuurd om verhalen over boeken te verzamelen. De koning houdt namelijk erg van boeken, maar is te oud om nog zelf te kunnen lezen.

  • Woorden die verdwijnen

    Door: Iris Kraaij

    Stel je voor dat er langzaam maar zeker woorden verdwijnen. Welk woord zou jij dan missen? Of zou je het niet opmerken? In De woordredders schrijft Enrico Galiano een verrassend verhaal waar de liefde voor taal vanaf spat. Hij is docent op een middelbare school in Italië en schreef eerder al voor young adults. Daar kwam in 2024 dit kinderboek bij. Het boek is knap vertaald door Henrieke Herber, die in 2011 de Diorapthe Jongerenliteratuur prijs won voor haar vertaling van Ik ben de sterkste. Er gebeuren vreemde dingen in het leven van Samu. Zijn vader zit maar wat voor zich uit te staren en zijn haren worden plotseling grijs. Als Samu praat over een mier of het raam is er niemand die hem snapt. Dat is lastig maar veel aandacht besteedt hij er niet aan. Mensen vinden hem toch altijd raar.

  • Speelse kijk op gevoelens

    Door: Adri Altink

    Het grote boek van alle emoties is typisch zo’n boek dat uitnodigt om het samen met kinderen te lezen. Er valt van alles in te beleven aan de illustraties, maar ook aan de losse, korte teksten. De emoties die onder de loep worden gelegd zijn liefde, boosheid, onzekerheid, blijheid, jaloezie, dankbaarheid, verveling, verdriet, angst en eenzaamheid. Alle hoofdstukken hebben een vast stramien. Steeds is er als begin een twee pagina’s beslaande tekening waarop van alles te ontdekken valt dat te maken heeft met het onderwerp waarop op de volgende twee pagina’s wordt ingegaan. Elk van de platen heeft twee vaste figuurtjes, een slakje en het hoofdpersonage ‘Voel!’.

  • Genuanceerd vertellen over de gevolgen van klimaatverandering

    Door: Radboud Hafkamp

    De verhalenbundel Hoopvolle verhalen over het einde van de wereld is het eerste initiatief van Schrijvers voor Toekomst, een collectief van jeugdboekenschrijvers uit Nederland en België. Zij verenigden zich onder de noemer ‘Schrijvers voor Toekomst’, een groep jeugdboekenschrijvers die zich zorgen maakt over klimaatverandering. Hun eerste activiteit was om tijdens de scholierenstaking voor het klimaat op het Malieveld in september 2023 in Den Haag in gesprek te gaan met leerlingen, docenten en andere belangstellenden. De jongeren die daar aanwezig waren reageerden heel positief op hun aanwezigheid. Ze voelden zich gesteund en gezien. Al op de terugweg naar huis besloot een deel van hen dit boek te maken.

  • Generatie angststoornis

    Door: Joke Aartsen

    beetje angstig dat is alles van de Noorse schrijver Alexander Kielland Krag begint in medias res met een nauwgezette beschrijving van de eerste angstaanval van hoofdpersoon Casper als ik-verteller. Het is die beschrijving die direct duidelijk maakt dat de relativering uit de titel niet op z’n plaats is. Terwijl Casper gewoon gezellig op de bank zit met zijn vrienden Olivier en Aksel wordt hij plotseling en heel heftig overvallen door misselijkheid, trillende handen en onvaste benen, een hamerend hart en een labiel gevoel. De misselijkheid lijkt een illusie, verdwijnt ‘net zo plotseling als ze kwam’. Niks aan de hand, durft Casper dus te denken.

  • Vissen zonder het ergens over te hebben

    Door: Suzanne Bergman

    Sinds Sammies broertje Sebas twee jaar eerder verongelukte, is hun gezin uit elkaar gevallen. Als haar ouders gaan proefscheiden, gaat zus Wies met hun moeder mee. Sammie blijft uit loyaliteit achter bij haar vader, die samen met een bejaarde oudoom hun bloembollenbedrijf bestiert. Maar hij is steeds vaker afwezig; kan niet omgaan met het verlies. Tijdens een nachtelijke fietstocht ontmoet Sammie de ongeveer even oude Toon. Zijn oudere halfbroer is niet meer welkom thuis, en daar heeft Toon het moeilijk mee. Als ze allebei op hun eigen manier proberen hun respectievelijke gezinnen weer bij elkaar te brengen, ontmoeten ze een groep daklozen bij wie ze warm worden opgevangen. En leren ze dat een ander proberen te helpen soms averechts werkt – of niet?

  • Wát zit er op Zacks knie?

    Door: Juno Blaauw

    ‘“Ik benoem jullie allebei tot gangmonitor,” zei schoolhoofd Wombat. “En dat is niet omdat jullie monitorhagedissen zijn,” voegde ze er snel aan toe.’ Toeval, zegt ze, als Zack opmerkt dat alle andere gangmonitors ook… Wat volgt is een eerste hoofdstuk waarin Zack, zijn vriend Daniël en schoolhoofd Wombat vaker wel, dan niet langs elkaar heen praten, een grappig hoofdstuk met een serieuze ondertoon. In Patrick Ness’ Het leven van een hagedis van niks bevinden we ons op een school waar, in de ogen van anderen, alles wat je kan zijn bepaald wordt door de diersoort die je bent.

  • Hoe ver wil je gaan?

    Door: Kris Mattheeuws

    Een bompakket met aftelklok op de omslag en de titel Vuile handen. De lezer weet meteen waar hij aan toe is. In de eerste bladzijden al een race tegen de klok, verzwaard met een ‘dodelijke lading’. Marco Kunst brengt spanning vanaf het begin. […] Vuile handen schreef hij op vraag van uitgeverij Querido. Al sinds 2019 brengt deze uitgeverij een jeugdboek uit ter gelegenheid van de maand van de filosofie (april). Kunsts vorige boeken hebben allemaal een zekere filosofische inslag en doen de jonge lezers nadenken over belangrijke thema’s. Zijn voorgeschiedenis als filosoof en docent filosofie helpt zeker in het goed kunnen verwoorden van die thema’s.

  • De veiligheid van een bananenschil

    Door: Rivka van den Heuvel

    Rumpel neemt de lezer bij hem mee naar binnen en laat zien waar hij woont, een gezellig huisje in een afvoerput onder de stoep. Zijn huisje heeft hij ingericht met spullen die hij vond in de vuilnisbak die zich naast zijn woning bevindt. Bijvoorbeeld een kroonluchter van afgedankte blikjes en een voetenbankje gemaakt van kauwgom en gummibeertjes. Het monstertje Rumpel woont daar al jaren in zijn eentje.

  • Een ijzersterk duo

    Door: Bart Jongeling

    Wat gebeurt er met je als je oma sterft, jij naar een internaat moet en de ijzige directrice doodleuk vertelt dat jouw oma niet jouw oma was? In het boek Het verhaal van een prinses en een pistool van Cees van den Berg, krijgt het meisje Pim met deze situatie te maken. Het eerste wat opvalt, is hoe prachtig het boek is vormgegeven. Uitgeverij Lemniscaat heeft hier een naam in hoog te houden, en doet dat met verve. Zelfs binnenin zijn de urban sketch-achtige waterverftekeningen van Monique Dozy in kleur. Zij kan toveren met simpele vlakken.

  • Toen Anne Frank nog hoopte op een beter leven

    Door: Marjet Maks

    Toen we wegvlogen van de auteur Alice Hoffman is een fictief, historische roman over Anne Frank, voordat ze met haar haar ouders en zus moest onderduiken. Het gezin Frank was Duitsland ontvlucht, toen het daar steeds grimmiger werd voor Joden. Otto Frank, Anne’s vader ging in 1933 naar Amsterdam, later volgden moeder Edith, Margot, Anne en hun grootmoeder in 1934. Amsterdam leek een goede bestemming en aanvankelijk voelden ze zich relatief veilig aan het Merwedeplein 37 in de Rivierenbuurt. Tot het ook in Nederland voor Joden steeds grimmiger werd. Otto Frank wilde doorreizen naar Amerika, hij schreef tientallen brieven aan instanties en familie in Amerika, maar het was te laat.

  • Poëtisch-religieuze novelle

    Door: Olivier Rieter

    Je kunt de novelle Boot van de Vlaamse schrijfster Siska Goeminne op meerdere manieren lezen. Twee interpretaties die zich opdringen zijn een religieuze en een poëtische interpretatie. […] De novelle bevat beeldend werk van Staf Roels, dat bijdraagt aan de sfeer. Het verhaal lijkt geschikt voor alle leeftijden, al zullen jeugdige lezers misschien niet voldoende bagage hebben om de religieuze boodschap met een korrel zout te nemen.

  • Ondersteboven en achterstevoren

    Door: Miet De Bruyn

    Dit is geen filosofieboek om rustig mee op de bank te gaan zitten. Het vraagt actie van de lezer en/of de voorlezer. Het boek bruist van energie en zet niet alleen aan tot denken, maar bijna nog meer tot doen. Dat zal bij het ene onderwerp allicht beter lukken dan bij het andere, maar over allemaal valt er wel wat te zeggen of iets mee te doen. Het boek is daarom zeker ook uiterst geschikt om in de klas te gebruiken.