Categorie: Prentenboek

  • Geen gewone tuin

    Door: Saskia M. Toussaint

    Heb je De vijver in handen, houd het dan een beetje schuin tegen het licht om hier en daar glansstukjes te ontwaren in het blauw van het water. Je kunt de omslag bijna beschouwen als een samenvatting van wat er in dit verhaal gebeurt. We zien twee kinderen, de hoofdpersonen van het verhaal met hun IJslandse namen Fífa en Spoí. In de wat vormloze witte viervoeter met pluimstaart herken je toch duidelijk een hondje. Verder zie je veel gereedschap, een vergrootglas en overal moddervegen. Wat is er gebeurd in deze tuin?

  • Zwarte stof laat alle magie verdwijnen

    Door: Alma Lanjouw

    In een land vol magie is de jonge heks Ivy de heldin van het spannende avontuur in Heksje Ivy en de magieslurpers. In het land wonen heksen en tovenaars, op een eiland wonen feeën. Heksen en tovenaars bedrijven magie en feeën doen wensspreuken. Iedereen lijkt het normaal te vinden dat magie superieur is aan wensen, behalve de koningin van de feeën op het eiland. Zij komt in opstand en uit boosheid verandert ze de vrolijke stoffeetjes in vampfeetjes en de magische stof in zwarte stof die magie laat verdwijnen.

  • De donkerte verkennen

    Door: Saskia M. Toussaint

    In Donker is dromen wordt de donkerte verkend in prachtige aquarelillustraties, veelal in diverse blauwschakeringen, maar het sferische prentenboek begint met een zwoel landschap waar de roze-oranje gloed bijna licht geeft en van het papier zindert, zo warm. Drie kinderen en een hondje liggen, leunen loom en we lezen: ‘Donker is … doezelig soezelig sloom’.

  • Over de avonturen van een worm

    Door: Iris Kraaij

    In het voorjaar gaan we lekker naar buiten, de tuin in. We luisteren naar de vogels en wroeten met onze handen in de aarde. Daar komen we dan van die lange, roze, glibberige beestjes tegen….regenwormen. Heb je er ooit over nagedacht wat er gebeurt als je zo’n beestje per ongeluk met je schep in tweeën hakt? Het overkomt de regenworm in dit verhaal. Als twee helften leeft hij verder met iedere helft een eigen verhaal.

  • Pareltje

    Door: Ardie Bos

    Woorden kunnen ons vanalles vertellen, kunnen allerlei belangrijke betekenissen hebben. Maar wat als woorden niet overbrengen wat de bedoeling is? Dan zijn ze ‘ziek’. Woorden kunnen gemeen zijn of verkeerd uitgesproken worden. Ook zijn er oude woorden, verschrikkelijk lange woorden en jammer genoeg ook droevige woorden. Sorry-woorden waar je helemaal niets aan hebt, ze zijn zo vaak gebruikt, dat ze er niet meer toe doen.

  • Geen hoed want de pet staat te goed?

    Door: Alma Lanjouw

    Een koddig, ritmisch rijmend prentenboek, dat uitnodigt om samen te lezen en te fantaseren. Een kind neemt je mee in een eigen wereld waar het geen probleem is dat de groenteverkoper een papegaai geeft in plaats van een peen. In Wat ruik ik? Een beer! loopt de ik-persoon, een jong kind, van winkel naar winkel. Is de ik-figuur een hij, zij of hen? Het maakt voor het verhaal niet uit. Dat voelt prettig, dat het kind alleen ik is; elk kind kan deze ik zijn. Het kind wandelt, in zichzelf gekeerd, door het boek. Met herhalingen en verrassingen: ‘Ik ging naar de winkel en vroeg om …’, krijgt het kind steeds een dier in plaats van het gevraagde.

  • Een moedige jongen en een oude vriend

    Door: Anette Deters

    ‘“Ze gaan het park sluiten!” “Wat zeg je nou?” vraagt de glasblazer. “Dat staat op een groot bord bij de ingang. Dat er een heel hoog gebouw komt. Met een foto erbij. Het wordt misschien wel het hoogste gebouw van de stad. Maar hoe moet het dan met Karper?! Waar moet die dan naartoe? Hij woont al heel lang in de vijver. Zo lang als ik er ben en dat is al heeeel lang.” “En zo lang als ik hier woon,” zegt de glasblazer. “Ik voerde hem al toen ik nog een jongen was!”’ Deze ontdekking vormt de basis voor het verhaal De glazen dierentuin van Harmen van Straaten.

  • Hallo, Grote Kunstenaar!

    Door: Wendy de Bert

    ‘“Mag ik eerlijk zijn?” vraag ik. “Ik vind hoe wij eruitzien… hoe zal ik het zeggen… een beetje saai.”’ Zo begint het gesprek dat de ik-persoon in Wonder aanknoopt met Grote Kunstenaar. De ik-persoon daagt zichzelf daarmee uit: ‘”Ik denk dat ik het beter kan. Ik ben ook kunstenaar!” “O, echt? Laat maar zien dan… ik ben benieuwd!” zegt Grote Kunstenaar’. Dat is de start van een explosie van kleur en creativiteit. In het kunstzinnige prentenboek Wonder haalt schrijver en illustrator Mark Janssen al zijn talent uit de kast. Resultaat is een bont gekleurd boek waar fantasie en kunst centraal staan.

  • Zwemles en alles wat je wilt weten over het zwembad

    Door: Alma Lanjouw

    Het plezier spat van de bladzijden van Naar het zwembad, van Eilika Mühlenberg. Een jongetje gaat met zijn vader en broer naar het zwembad. Hij kan nog niet zwemmen en vindt dat prima, maar hij moet op zwemles. ‘Vinden alle kinderen het leuk?’ Dat is de kern van het verhaal: alle kinderen moeten leren zwemmen, […]

  • Elke dag een spannend avontuur op school

    Door: Anette Deters

    Veel voorleesboeken voor jonge kinderen gaan over alledaagse dingen. In Hoe was het op school, Samme? van Anke Kranendonk is dat niet het geval. Tenminste, niet voor Samme. Samme beleeft alleen maar spannende avonturen op school. ‘“Wat heb je toch een leuke school,” zegt mama. “Olifanten en de koningin. Mag ik ook komen?” “Waar?” “Op jouw school?” “Dat kan niet.” “Waarom niet?” “Jij bent geen kind.”’

  • Een huis is niet meteen een thuis

    Door: Wendy de Bert

    In een knus huis met een kleine rode deur woont Olivia. Niet ver daar vandaan, achter in de tuin in een grote boom, woont Muis. Ondanks hun fijne plek, voelen ze beide dat er iets mist in hun leven. Wanneer een storm de eik van Muis omver blaast, verliest hij zijn huis. Olivia doet er alles aan om een geschikt woonplek voor hem te vinden. Maar het is lastig om een huis te vinden dat ook een meteen thuis is. In het warmhartige prentenboek Het huis met het rode deurtje van Grace Easton draait het om vriendschap en het vinden van een plek waar je je thuis voelt. 

  • Met een lange ladder de blubber in

    Door: Iris Kraaij

    Stel je voor… je bent boos op je broer of zus en je smijt van kwaadheid je sleutels weg. Dat is niet zo’n handige actie. Nu moet je ze gaan zoeken en die zoekactie loopt heel anders dan gedacht… Het overkomt Yuki, driftkop van de familie. We zijn allemaal wel eens kwaad en dan doen we soms dingen waar we later spijt van hebben. Boosheid is een ingewikkelde emotie, we weten vaak niet zo goed wat we er mee moeten.

  • Een prentenboek over verlangen, nieuwsgierigheid en thuiskomen

    Door: Alma Lanjouw

    Haassie springt van het omslag op zoek naar de lente in Jij bent mijn begin van Octavie Wolters. Moeder haas zegt: ‘Alles wat leeft komt uit de lente’ en Haassie rent door het landschap, rent door dag en nacht, rent door de seizoenen. De jonge haas ontmoet op elke pagina een inheems dier zoals een hert, egel, zwijn… ‘Ik ben op zoek naar de lente’ zegt hij bij elke ontmoeting. De harde kaft is gemaakt van ruw papier, niet te zacht, niet te glad, zoals de vacht van een haas. De vacht en veren van de dieren zijn gedetailleerde sneden, de omgeving bestaat uit lijnen en natuurlijke vormen die passen bij de leefomgeving.

  • Een ode aan het prachtige van de nacht

    Door: Anette Deters

    Wat als je in bed ligt en het donker is en je hoort plotseling een stem onder je bed? En wat als die stem je uitnodigt om mee de nacht in te gaan? Dat is precies wat er gebeurt in Lucy en Donker van Karst-Janneke Rogaar. Lucy ontdekt dat er iemand onder haar bed zit. […]

  • Een bonte verzameling op zee

    Door: Sharon Engers

    Schip ahoy! Heb je een goed stel zeepoten en ben je niet bang voor water? Stap dan aan boord van de Bontebeestenboot. Stefan Wolters en Yvon van Oel, eigenaren van De Haagse Kinderboekwinkel Alice in Wonderland, maakten in 2024 samen Het Bontebeestenhotel. Al gauw smeedde het stel plannen voor een vervolg, dat onlangs verscheen bij Lemniscaat. Beide boeken zijn los van elkaar te lezen. 

  • Jonge Oogst – prentenboekjes 2+ – week 46

    Door: Ardie Bos

    Heel lang geleden, in een klein dorpje aan de rand van het bos, woonde een lief oud mannetje met een ijspegelsnottebel en een grote glimlach: Sint-Nicolaas van Myra.  Toen de dorpskinderen op een winteravond bibberend voor zijn boshuisje stonden, wist de Sint: ik moet ze helpen! Met een zak vol munten en lekkers trok hij het dorp in. En zo begon iets heel bijzonders. 

  • Zou de tijd bestaan als er geen klokken waren?

    Door: Iris Kraaij

    We leven in een tijd waarin onze vragen op elk moment van de dag beantwoord kunnen worden. We vergeten (bijna) hoe het is om geen antwoord te hebben op een vraag of er gewoon een tijdje zelf over na te denken. In Alle vragen van de regenboog, een verhaal voor jonge filosofen, moedigt Sabine Wassenberg kinderen maar ook volwassenen aan om vragen te stellen. Een kracht die jonge kinderen van nature hebben maar vaak verliezen wanneer zij ouder worden.

  • Een mopperkont op avontuur

    Door: Tessa Uiterwijk (16 jaar)

    Is jouw kind weleens een echte mopperkont? Dan is Grrrizzly van Hervé Le Goff een feest van herkenning. In dit vrolijke prentenboek volgen we een grote, brommende beer die overal wat op aan te merken heeft. Wandelen? Saai. Zwemmen? Te nat. Bramen? Die prikken. Maar wie goed kijkt, ziet op de illustraties dat Grizzly’s gezicht iets heel anders vertelt dat zijn woorden.

  • De centerback heeft een oogcorrectie nodig

    Door: Adri Altink

    Vorig jaar verscheen een nieuw alfabetboek met de (ironisch bedoelde?) aanmatigende titel Het Allermooiste, Buitengewone en Complete Boek van alle Letters van Tom Schamp. Hij noemt zijn boek een abecedarium. Dat is ook wel terecht omdat zijn boek naast de vorm van de letters vooral het gebruik ervan in woorden en zinnen laat zien. Ton Schamp is een Belgische illustrator van kinderboeken met een voorliefde voor drukke fantasievolle tekeningen vol grapjes.

  • Een dapper vogeltje

    Door: Tessa Uiterwijk (16 jaar)

    Soms is de grootste held in een verhaal niet degene met een kroon, maar degene met veren. In De kleine Krikri neemt Mario Ramos ons mee naar een koninkrijk waar de machtige koning Leo zijn regels steeds strenger maakt. De voorheen vriendelijke leeuw verzint de ene na de andere rare regel. Deze koning van het dierenrijk maakt misbruik van zijn macht. Hij verzint gekke wetten, zelfs de vogeltjes mogen niet meer vliegen. Maar dan wordt het vogeltje Krikri geboren. En Krikri’s moeder houdt zich niet aan de regels, ze leert Krikri gewoon vliegen.