Tag: Johanna Rijnbergen

  • Doe mee aan de ‘peperkoekenhuisjesinstorttest’!

    Door: Iris Kraaij

    Ben je fan van sprookjes of denk je juist dat sprookjes niet bestaan? Hoe dan ook De grote boze wolf onderzoekt sprookjes van Catherine Cawthorne is een echte must read. Deze schrijfster kwam op het idee om dit boek te schrijven toen haar kinderen werden voorgelezen door hun opa. Dezelfde ‘onzinnige’ sprookjes die zij als kind hoorde. Het leek haar een goed idee om een boek te schrijven waarin belangrijke informatie over sprookjes wordt onthuld. In het boek kijk je je ogen uit door de kleurrijke illustraties van Sara Ogilvie.

  • Welke spullen heb je écht nodig?

    Door: Ingrid Bilardie

    In Te veel troep! staan de eksters Mo en Bo centraal. Eksters staan bekend om hun grote, intelligent gebouwde nesten en Mo en Bo doen daar een schepje bovenop. Omdat hun toekomstige kuikenkinderen werkelijk niks te kort mogen komen, gaan ze op zoek naar spullen. Eerst richten ze zich op versieringen. Maar hebben hun toekomstige kuikens niet ook praktische zaken nodig, zoals een fiets? Hoger en hoger wordt de stapel spullen in het nest tot het onvermijdelijke gebeurt … kraak!

  • Met muziek en de NASA de ruimte in

    Door: Adri Altink

    Eind vorig jaar verschenen in vertaling twee kinderboeken over de kosmos. Ze zijn qua inhoud goed met elkaar te vergelijken. Het Verhalen Orkest. De Planeten richt zich op kinderen van een jaar of zes, zeven. Het tweede, Heelal, is bedoeld voor geïnteresseerden van een paar jaar ouder. Er zijn duidelijke verschillen. Het ene laat een […]

  • Tutu’s en vrachtwagens

    Door: Adri Altink

    Alle dansers uit ‘De notenkraker’ hebben tijdens hun optreden een eigen mandje in het zijtoneel staan met blaarpleisters, scharen en zelfs flesjes nagellak om ladders in panty’s snel te kunnen oplappen. Het is één van de talrijke details in Licht uit, spot aan. Het boek geeft een overzicht van wat er zoal komt kijken bij de uitvoering van een ballet, toegespitst op ‘De notenkraker’ in de beroemde choreografie van Sir Peter Wright. Die voorstelling was voor het eerst te zien in 1984 in het Royal Opera House en wordt nog steeds gedanst.