Kortgeleden is de leesbevorderingscampagne ‘Heel Nederland Leest’ van start gegaan. Deze campagne wordt jaarlijks georganiseerd door het CPNB, de stichting Collectieve Propaganda van het Nederlandse Boek, en loopt de hele maand november. De titels die in 2024 centraal staan zijn voor volwassenen en bovenbouwleerlingen Joe Speedboot van Tommy Wieringa en Broergeheim van Emiel de Wild als Heel Nederland Leest juniortitel voor jongeren van de basisschool en de onderbouw van de middelbare school. Bij beide boeken heeft het CPNB lesmateriaal gemaakt. Bestseller Joe Speedboot is in een oplage van 270.000 exemplaren gedrukt en voor iedereen gratis op te halen in alle bibliotheken van Nederland.
Bovenbouwleerlingen
Joe Speedboot is de sinds de verschijning in 2005 populair gebleken onder middelbare scholieren uit de bovenbouwklassen. Het boek is toegankelijk en vlot geschreven, spannend en humoristisch en het sluit aan bij jongeren door thema’s en motieven als volwassen worden, vriendschap en seksualiteit. In het huidige tijdsgewricht is er de nodige kritiek op (de keuze voor) het boek. Zo betoogt Uschi Cop in het Vlaamse tijdschrift Knack dat er ‘keer op keer […] vrouwonvriendelijke en euro-centristische boeken vooruit [worden] geschoven als de crème de la crème van de literatuur’ en dat Joe Speedboot ‘een achterhaald verhaal over puberale geslachtsdrift en slutshaming‘ is.
Een veranderde receptie kan een reden bij uitstek zijn een boek door leerlingen te (laten) lezen. Het boek en verschillende reacties lezen kan interessante inzichten, gesprekken en meningen opleveren en leerlingen na laten denken over stereotypen, overheersende culturen en discriminatie op allerlei gebieden.
Schrijver Wieringa maakt deze maand een tocht langs meer dan twintig bibliotheken in het jubelende land. Het tourschema is hier te vinden.
Op Literair Nederland schreef Coen Peppelenbos in maart 2005 een recensie over Joe Speedboot.
Onderbouwleerlingen
De juniortitel van dit jaar is de jeugdroman Broergeheim van Emiel de Wild. Het CPNB brengt dit boekje als titel voor basisschoolleerlingen en leerlingen van klas 1 en 2 van het VMBO, maar het is zeker ook geschikt voor de havo- en vwo-onderbouwleerlingen van het middelbaar onderwijs. 









