Een onalledaagse vriendschap

Door: Evert Zoutewelle

Een vriendschap tussen een eigenzinnige pinguïn en een kribbige ober: een niet alledaagse aangelegenheid. Toch neemt De ober en de pinguïn, geschreven door Joukje Akveld en geïllustreerd door Jan Jutte, de lezer mee in deze bijzondere vriendschap. Als Fred de pinguïn op een avond uit eten wil gaan, wordt hij door de ober van het restaurant geweigerd. ‘Verboden voor huisdieren’, bromt de ober. De pinguïn laat zich niet afschepen: ‘Zie ik eruit als een huisdier? Blaf ik, blaas ik?’.

Als de pinguïn uiteindelijk een tafeltje heeft bemachtigd en sardientjes heeft besteld als voor-, hoofd- en nagerecht, zoekt hij voorzichtig toenadering tot Edo, de ober. ‘Ik ben je vriend niet’, merkt de ober in niet mis te verstane woorden op. Als lezer vraag je je sterk af waarom de pinguïn zo zijn best doet.

Pinguïnomelet
De vriendschap tussen het duo komt pas op gang als een andere eter in het restaurant een omelet van pinguïneieren bestelt. De pinguïn hoort deze bestelling aan en raakt enorm driftig. Zijn alsmaar groeiende woede wordt verbeeld met vuurrode zinnen, die steeds groter worden. Als de ober aan de klant aangeeft dat dit niet mogelijk is — want pinguïns zijn een beschermde diersoort — verlaat die sissend van woede het restaurant. ‘“Het spijt me,” zegt de ober beleefd. Maar hij kijkt alsof het hem helemaal niet spijt.’ 

Vanaf dat moment lijkt het ijs gebroken tussen de pinguïn en de ober en de vriendschap komt op stoom als de pinguïn bij het restaurant aan het werk wil als ober. Hoewel de ober niet direct een geschikte sollicitant in hem ziet — ‘vingers zijn nodig als je ober wilt zijn’ — geeft hij hem toch een kans. Hij moet met vier borden tegelijk kunnen lopen. Het valt te raden hoe dat afloopt: ‘”En,” vraagt de ober, “hoe vond je het zelf gaan?”Best wel goe-” “Eerlijk”, zegt de ober streng. “Oké, oké!” pruttelt de pinguïn. “Ik had wat beginnerspech.”’ Werken in een restaurant blijkt toch geen goed idee te zijn, stellen ze beiden vast.

Eigenwijze kraalogen
Terwijl de vriendschap zich met horten en stoten ontwikkelt, wordt de lezer getrakteerd op prachtig gestileerde illustraties. Jutte maakt in dit verhaal alleen gebruik van de steunkleur rood, waardoor het geheel op het eerste gezicht wat serieus en zakelijk oogt. Als je beter kijkt, zie je dat de gezichtsuitdrukkingen allesbehalve zakelijk zijn, eerder speels: de ober kijkt geregeld op enorm verveelde wijze naar de pinguïn, die op zijn beurt met eigenwijze kraalogen terugkijkt. De ‘dikke man’ spant de kroon als hij met een rood aangelopen hoofd het restaurant uitbeent als zijn gerecht niet geserveerd blijkt te worden. De woede spat van de bladzijde af.

Naast mimiek zorgt ook de verdeling van de illustraties voor luchtigheid: ze worden dwars over de bladzijde geplaatst. Dit maakt het verhaal aantrekkelijk voor beginnende lezers. Al het geschrevene wordt immers direct ondersteund met illustraties. De ober en de pinguïn bevat ook weer niet te véél tekst om goed voorgelezen te kunnen worden. Het verhaal houdt het midden tussen een prentenboek en een zelfleesboek. 

Verder kijken dan uiterlijk
De ober en de pinguïn laat zien dat vriendschap uit onverwachte hoek kan komen en nodigt de lezer uit om verder te kijken dan iemands uiterlijk. Hoewel de pinguïn en de ober verschillen als dag en nacht, staat dit hun band niet in de weg. Met onderkoelde humor, spitse dialogen en levendige illustraties hebben Akveld en Jutte een tijdloos verhaal voor beginnende lezers gemaakt over een wel zeer onalledaagse vriendschap.

(c) Jan Jutte, uit De ober en de pinguïn.

De ober en de pinguïn

De ober en de pinguïn

Joukje Akveld

Illustrations by: Jan Jutte

Uitgever: Lannoo

ISBN 9789401499217

74 pagina’s

Prijs: € 14,99

Kopen bij Libris