Stinkhond in het museum is een deeltje uit de reeks van auteur Colas Gutman en illustrator Marc Boutavant. Stinkhond en Plattekat vinden dit keer een kaartje voor het Louvre-museum. Dat komt goed uit! Ze willen dolgraag een keer de Mona Lisa bezoeken, en nu hebben ze een kans. Ze sluiten aan bij een schoolklasje en krijgen een rondleiding langs allerlei beroemde en minder beroemde werken. Al snel blijkt dat ze geen doorsnee dag hebben uitgekozen voor hun bezoekje. Er gebeuren rare dingen. De lach van Mona Lisa verdwijnt, een mummie gaat aan de wandel, een ondeugend elfje maakt rommeltjes waar het kan. En telkens vinden ze een kaartje van Arseen Lutin, de beroemde inbreker. Het is allemaal bijzonder merkwaardig maar het maakt een dagje museum stukken minder saai!

Gutman schreef al vele boeken in de Stinkhond-serie en trekt daarmee een specifiek publiek: je houdt ervan of het boek belandt ongelezen in een hoek. De humor is vrij specifiek. Zowel de vaste karakters als de gasten deinzen er niet voor terug om elkaar flink de waarheid te zeggen of al meanderend via verschillende gedachtendraadjes terecht te komen op een classificatie als ‘schurftige hond’. Aan sommige kinderen is zulke grofheid en platte humor niet besteed. Anderen kunnen niet stoppen met lachen en lezen zo de hele serie achter elkaar. Zij zullen zeker plezier hebben in de woordgrapjes en de absurditeiten die speels door het verhaal buitelen.
Bijna onvermijdelijk is het dat al die humor voorgaat op het verhaal zelf, wat hierdoor flinterdun blijft. Een echte ontwikkeling van de karakters of een duidelijk plot zijn niet te bespeuren. Hierdoor blijft het verhaal niet erg lang boeien, het kabbelt wat voort. Ook zijn sommige woorden best pittig voor het leesniveau van M5/E5, zoals chihuahua en Odio Gaeydt. Maar voor de doortastende lezer zitten hier leuke leermomentjes: als je een beetje je best doet, kan je uitpuzzelen wat het woord betekent en op die manier iets nieuws leren.
Zoekplaatjes
De illustraties van Boutavant vormen fijne onderbrekingen in het verhaal, het zijn ware zoekplaatjes waarop je zowel iets leerzaams als iets lolligs kan ontdekken. Sommige onderdelen en teksten zijn verwerkt in de afbeeldingen, waardoor het een luchtig leesbaar boekje wordt. Boutavants uitwerking van Chien Pourri, zoals Stinkhond in Frankrijk heet, is zo populair dat er ook knuffels en andere merchandise van gemaakt is, vooral in Frankrijk.

Gutman won al enkele prijzen voor zijn werk voor hij in 2013 Chien Pourri bedacht. Voor zijn boek Rex, mijn schildpad won hij de Mille Pages prijs in 2006. In 2012 won zijn boek L’enfant de Sorcières prijs voor jonge kinderen. In 2013 kwam het eerste boek uit de Stinkhond reeks tot leven.
Boutevant werkt als auteur, illustrator en grafisch vormgever en werd bekend dankzij zijn de illustraties van het grappige ezeltje Ariol uit de boeken van Emmanuel Guilbert. Het was de Franse uitgeverij L’école des loisirs die Gutman en Boutavan aan elkaar koppelde, met een zeer succesvol resultaat. De illustraties van Boutavan vullen de humor van Gutman goed aan en zorgen voor pagina’s die kleurrijk en levendig zijn. Ook is Boutavan als geen ander in staat om door zijn tekeningen woorden die nieuw zijn voor de woordenschat van de lezer duidelijk te maken.
Naar het museum? Stinkhond mee!
Het boekje leest dankzij de ruime en overzichtelijk opgezette bladspiegel prettig. Er zijn genoeg afbeeldingen, dus als lezer heb je al snel een gevoel van voortgang. En specifiek dit deeltje uit de reeks is erg leuk om mee te nemen naar een museum, of in de aanloop naar een museumbezoek toe. Want als Stinkhond zich in het museum begint te vervelen is het Plattekat die met een goed advies komt: ‘Kijk om je heen! Die je ogen open, maatje! Je moet een kunstwerk vinden dat jou wel wat lijkt.’ En dat blijkt goed advies.
Illustraties: Marc Boutavant









