Op tijdreis met schilderijen

Door: Olivier Rieter

De glazenwasser van het Rijksmuseum gaat over de twaalfjarige Freddie die, ondanks zijn jeugdige leeftijd, de functie bekleedt uit de boektitel. Eerder werd dat beroep uitgeoefend door zijn vader, al was deze in werkelijkheid meer een soort conciërge. De vader is gestorven onder verdachte omstandigheden.

In het verhaal gaat Freddie, die in het Amsterdamse Rijksmuseum woont, op zoek naar de achtergrond van dit overlijden. Hij krijgt te maken met geheimen die betrekking hebben op een oud genootschap, magie, tijdreizen en de betekenis van schilderkunst. Het verhaal, gericht op kinderen van rond de tien, speelt in 1933. Dat jaartal representeert voor Europa een politiek woelige tijd. Het jaar was het scharniermoment van de machtsovername van Hitler in Duitsland. Die specifieke tijdsverwikkelingen spelen echter niet heel nadrukkelijk een rol in dit boek van Astrid Sy (1987). De auteur is presentator (bekend van Andere tijden) en historica. In een eerder boek, De brieven van Mia, had ze onder meer aandacht voor geestelijke effecten op mensen van traumatische geschiedenis. In De glazenwasser van het Rijksmuseum is de focus eerder gericht op andere thematieken, zoals de geschiedenis van Amsterdam en de schilderkunst.

Freddie krijgt in zijn zoektocht te maken met een meisje dat volgens haarzelf door anderen ‘Rembrandt’ wordt genoemd en ook met een sinistere schurk in excentrieke kleding die door Freddie ‘Gluiper’ wordt genoemd. Ook stelt Freddie zijn vertrouwen in iemand die dat niet blijkt te verdienen. Dit zal niet voor elke lezer als een verrassing komen. Er is in De glazenwasser van het Rijksmuseum ook sprake van een letterlijk tikkende tijdbom, wat een beetje aanvoelt als een fictionele gemeenplaats.

Het verleden als schilderij
In het boek zijn schilderijen toegangsportalen naar het verleden.
Schilderijen die leven of die een portaal naar een andere wereld zijn vormen een veelvoorkomende topos (stijlfiguur) in de wereld van de fictie en we zien ze bijvoorbeeld in de Harry Potter boeken en in C.S. Lewis’ The Voyage of the Dawn Trader en, in de Lage Landen, in de Suske en Wiske reeks (onder meer in Het Spaanse spook) en in een klassieker uit de Nederlandse jeugdlectuur, De geschiedenis van ridder Clap van Rammelsteyn van Aart van Ewijk.

Door het koppelen van het schilderij aan een versie van het verleden, wordt een tableau vivant opgeroepen, wordt iets van de andersheid van het verleden getoond, de bontheid van het verleden, zo men wil. De illustraties van Marieke Nelissen (in 2023 winnares van de zilveren penseel voor Ze hadden hun schaapjes geteld) hadden in dat licht nog meer kunnen oproepen dan ze nu doen, al zijn haar decoratieve omlijstingen rond de verhaalstukken die spelen in het met tijdreizen bereikte verleden, mooi en functioneel.

De tijdreis-paradox
Tijdreizen is zo mogelijk een nog meer voorkomende topos in fictie dan het levende schilderij. Sy gaat in haar boek niet heel diepgaand in op de filosofische implicaties van tijdreizen, de tijdreis-paradox. Dat is de paradox die tijdreizigers betreft die het verleden beïnvloeden en zo bijvoorbeeld veroorzaken dat ze zelf niet geboren worden.  Ze zouden dan dus ook het verleden niet hebben kunnen veranderen omdat ze zelf hun bestaan hebben uitgewist, zodat de tijd in de knoop raakt. Het is een begrijpelijke keuze om deze paradox niet op een systematische wijze te presenteren aan de jonge lezers, maar van de andere kant zijn ook jonge lezers misschien wel wijs genoeg om over een dergelijke thematiek te filosoferen. In plaats daarvan gaat Sy in op een wonderlijke tijdmachine, die het tijdreizen concreet maakt. Hiermee schept ze spanning en de spanningsopwekking is zeker het sterkste aspect van De glazenwasser van het Rijksmuseum. Het is in veel opzichten een puur avonturenboek, geen vertelling die werkelijk een diepgravende thematiek aan de orde stelt, zoals gebeurt in De brieven van Mia.

In een nawoord geeft Sy aan dat ze wel degelijk gelaagde thema’s aan de orde wil stellen in De glazenwasser van het Rijksmuseum. Ze schrijft: ‘Veel uit de geschiedenis is ongemakkelijk en kwetsend en gruwelijk, weet je. Door hierover te zwijgen of andere woorden voor in de plaats te gebruiken, verbloemen we geschiedenis. En dan ligt het op de loer dat we vergeten hoe erg het soms was.’  Die doelstelling is mooi, maar het is de vraag of aangestipte zaken als racisme uit het verleden overtuigend genoeg aan bod komen, ze lijken nu vooral bijzaken in het spannende verhaal.  Hoe het ook zij, Sy probeert de schaduwzijden van het verleden (van onder meer de ‘gouden’ eeuw en latere perioden met hun discriminatoire aspecten) te belichten en interessant te maken voor een jonge doelgroep en dat verdient lof. De duistere kanten van het verleden moeten immers getoond worden en niet aangepast aan hedendaagse wensen over hoe het verleden had moeten zijn.

De glazenwasser van het Rijksmuseum

De glazenwasser van het Rijksmuseum

Astrid Sy

Illustrations by: Marieke Nelissen

Uitgever: Uitgeverij Luitingh-Sijthoff

ISBN 9789021043845

288 pagina’s

Prijs: € 17,99

Kopen bij Libris