Schip ahoy! Heb je een goed stel zeepoten en ben je niet bang voor water? Stap dan aan boord van de Bontebeestenboot. Stefan Wolters en Yvon van Oel, eigenaren van De Haagse Kinderboekwinkel Alice in Wonderland, maakten in 2024 samen Het Bontebeestenhotel. Al gauw smeedde het stel plannen voor een vervolg, dat onlangs verscheen bij Lemniscaat. Beide boeken zijn los van elkaar te lezen.
Modderbaden en scheepsbeschuitjes
Op de Bontebeestenboot is het altijd een drukte van jewelste. De dieren aan boord werken nauw met elkaar samen om van elke reis een avontuur te maken. Het ontbreekt de passagiers aan niets. De Volendamse Patrijspoortpaling kijkt haar palingoogjes uit vanuit de patrijspoort en neemt zo nu en dan een heerlijk modderbad. Dan komt ze ’s avonds weer goed voor de dag, als ze een date heeft met de Reddingsboeiringslang.
Ook de Huthamster heeft het goed bekeken. Beetje hamsteren, beetje luieren en zo nu en dan lekker knabbelen aan een stukje scheepsbeschuit. En wat dacht je van de dekduif, niet te verwarren met de dakduif? Nadat hij zijn dek grondig heeft geschrobd, kruipt hij in zijn dekstoel en leest hij De scheepsdieren van Bontekoekoek.
Natuurlijk gaat er ook weleens iets mis. De Kraaiennestkalkoen houdt daarom een oogje in het zeil en de Reddingsbootram en het Sloepschaap zijn als doorgewinterd stel op alle scenario’s voorbereid. Zeilscheurtje? De Zeilzebra lapt de boel weer op. Uiteraard allemaal onder toeziend oog van de Kapiteinkoekoek, die al paraderend commando’s uitdeelt op zijn schip.
Linkse rakker
Uit welke onderdelen bestaat een schip? Wat betekenen scheepstermen als ‘bakboord’ en ‘stuurboord’? Aan de hand van zesentwintig dieren die worden voorgesteld kom je daar als lezer achter. De bootonderdelen verschillen van kleur wat letters betreft en staan in een zekere volgorde. Zo ga je van de Kadekikker en de Loopplanklynx (een linkse rakker die altijd links ligt), via de Schroefschildpad en de Stevensteur, uiteindelijk naar de Voorondervleermuis en de Ankeralpaca.
Het boek bevat niet maar één verhaal. Elk dier heeft zijn of haar eigen voorgeschiedenis en bijzonderheden. Je kunt het daardoor makkelijk in meerdere leessessies verdelen, al wil je waarschijnlijk verder lezen als je eenmaal begonnen bent.
Terug naar de Gouden Eeuw
Het tweede deel van de serie bevat nog rijkere taal dan het eerste, waarmee Wolters zich presenteert als ware taalkunstenaar. De alliteraties, spreekwoorden en gezegden vliegen je om de oren en de humor en dubbelzinnigheid liggen er wederom dubbeldik bovenop. Dat maakt het boek interessant voor jong en oud en uitermate geschikt om voor te lezen.
Ook de illustraties van Van Oel zijn kunstwerken op zichzelf. Over elk detail is nagedacht. De prenten doen denken aan de VOC-tijd, onder andere vanwege de oude landkaarten en het interieur van het schip. In één van de afbeeldingen is het morsealfabet te vinden. Op die manier kun je erachter komen wat de Vuurtorenvlieg seint naar de omliggende schepen. Ook zit er een verstekeling verstopt. Wie zal dat zijn? En wie heeft trouwens de eieren van de Kombuiskreeft gepikt? Deze uitdagingen bevorderen het leesplezier en lokken interactie uit tijdens het voorlezen.
Bontebeestenboel
Als je een prettig verblijf hebt gehad in het Bontebeestenhotel, is het zeker een goed idee om op reis te gaan met de Bontebeestenboot. Last van koudwatervrees? Neem dan plaats naast de Kadekater en zwaai vanaf de kant naar alle dieren. Pas wel op dat de Havenhaai je niet te pakken krijgt.









