Mie zoekt zichzelf

Door: Miet De Bruyn

In Ik zoek wat ik wil van Martine Lejeune, gaat Mie de mier op zoek naar wat ze wil. Als lezer moet je meteen ook even zoeken, want dat Mie een mier is, wordt alleen op het achterplat vermeld, nergens in het boek. Op haar zoektocht komt Mie een twaalftal andere dieren tegen: bijvoorbeeld een zandloopkever, een glimworm, de pop van een meikever, een vlo, een kogelspin, …

Als je een doorgewinterde natuurliefhebber bent, herken je Mie en alle andere geleedpotigen in dit boek, misschien in een oogopslag, dankzij de tekeningen van Thibault De Jaeger. Voor wie dat niet zo is, hebben Lejeune en De Jaeger een educatieve bijlage gemaakt waarin De Jaeger elk beestje op ware grootte tekent en Lejeune ze vervolgens wetenschappelijk omschrijft. Die bijlage vind je niet in het boek, maar kan je wel downloaden via de website van de uitgeverij. Daarin lees je bijvoorbeeld over Mie: ‘Mie is een mier (zwarte wegmier). Insecten hebben zes poten. De mier heeft zes poten. De mier is een insect. Mieren leven samen in een kolonie. De kolonie verblijft in een nest.’

Tekst en uitleg
Wie is Mie: dat is de hamvraag. Mie weet niet wat ze wil, omdat ze ook niet goed weet wie ze is. Het verhaal over Mie is een metafoor voor de zoektocht naar een eigen identiteit. Naast het biologische gedeelte, bevat de educatieve bijlage ook een filosofisch gedeelte, dat deze metafoor toelicht. Na alle ontmoetingen en confrontaties ontdekt Mie op de laatste pagina ten slotte wie ze is en wat ze wil.

Martine Lejeune (1957) studeerde filosofie en ze weet duidelijk waarover ze het heeft. Alleen slaagt ze er in Ik zoek wat ik wil niet echt in om dat vlot over te brengen. Elk kind dat dit boek wil lezen, en de meeste volwassenen die het willen voorlezen, moeten voortdurend heen en weer gaan tussen het boek en de bijlage, om het verhaal ten volle te vatten. Dat is nogal onpraktisch en de kans is groot dat het beoogde doelpubliek dat niet met plezier zal doen. Bovendien vraagt de filosofische uitleg nog een behoorlijke hertaalslag, waardoor het boek toch wel een erg hoge drempel krijgt. Bij de illustratie van de pad lezen we bijvoorbeeld het volgende: ‘Een griezelig grauwe pad opent zijn bek. Zijn roltong schiet naar buiten. Raar, denkt Mie, ik droom wat ik niet wil.’ In de filosofische bijlage lezen we daarover: ‘In de droom van Mie gebeurt wat zij niet wil. Tijdens de slaap is er een verlaging van het bewustzijnsniveau. Om te willen moet je bij bewustzijn zijn. Je moet de controle hebben over je denken en doen. Tijdens de slaap is die controle er niet.’

Piepklein en reuzegroot
Thibault De Jaeger is een Gents kunstenaar, illustrator en graficus. Hij studeerde illustratie en schone kunsten aan de Luca School of Arts in Gent. De natuur en filosofie spelen een belangrijke rol in zijn werk. Zijn voorkeur gaat uit naar fijne inkttekeningen en druktechnieken. Dat is ook in dit prentenboek duidelijk te zien. Hij tekent alle dieren erg natuurgetrouw in zwarte inkt op een witte achtergrond. Hij gebruikt daarvoor een heel fijne arceertechniek, die ook terugkomt in de teksten en de titel van het boek. Het boek heeft een soort afgeslankt en uitgetrokken staand A4 formaat. Elke spread bevat een paginagrote illustratie, met onderaan telkens een paar regels tekst. Door de uitvergroting van alle kriebeldiertjes naar A4-formaat, komen ze wel erg dichtbij en krijgen ze soms zelfs iets angstaanjagends.

Martine Lejeune en Thibault De Jaeger zijn duidelijk allebei erg onderlegd in hun vak. Jammer dat in dit boek hun expertise niet echt afgestemd is op hun doelpubliek van zesplussers. Bovendien wordt ook van wie dit verhaal wil voorlezen, een behoorlijke inspanning gevraagd. Daarom is dit boek vooral interessant voor erg gemotiveerde natuur- en filosofieliefhebbers.

 

Ik zoek wat ik wil

Ik zoek wat ik wil

Martine Lejeune

Illustrations by: Thibault De Jaeger

Uitgever: Levendig Uitgever

ISBN 9789083392943

27 pagina’s

Prijs: € 14,95

Kopen bij Libris